Studiemiddag: alternatieve grondstoffen en fytotherapie 30/09/2008
Op 23 september hebben Nevedi, Biologica en Wageningen UR een studiemiddag georganiseerd in het teken van het verteringsonderzoek. De aandacht was gericht op alternatieve grondstoffen, alternatieve eiwitbronnen, plantaardige vetbronnen en de toepassing van fytotherapie. Onderzoek op dit gebied heeft de laatste jaren veel nieuwe kennis opgeleverd. Deze middag werd de kennis toegelicht aan twintig medewerkers uit de diervoederindustrie.
Carola van der Peet-Schwering, onderzoeker van de Animal Sciences Group, gaf een toelichting op het effect van verzadigend voer, bij opfok onder koudere en warme omstandigheden en van minder eiwit in het voer op de technische resultaten en slachtkwaliteit van vleesvarkens.
Collega-onderzoeker Arie Klop besprak het effect van laag eiwitniveau in het voer op voeropname, melkproductie, klauwgezondheid en mestsamenstelling van melkvee.
Ten slotte informeerde Tedje van Asseldonk, hoofd van de Nederlandse Vereniging voor Fytotherapie, over fytotherapie en de biologische effecten van kruiden. Fytotherapie is het professioneel en regulier toepassen (preventief of curatief) van kruidenpreparaten bij landbouwhuisdieren. Men kan het als voedermiddel of –additief, of als diergeneesmiddel gebruiken. Het doel is om de gezondheid van dieren te behouden of te bevorderen. Op basis van bekend wetenschappelijk onderzoek, literatuur en gegevens van de (fyto)farmaceutische industrie zijn databases beschikbaar van veelbelovende middelen voor geschikte toepassingen in de (biologische) veehouderij. Van deze middelen is de werking en veiligheid bekend.
Ca. 10 leden van Nevedi houden zich bezig met de productie van biologische diervoeders. De studiemiddag was niet alleen gericht op de biologische diervoederproducenten maar was ook bedoeld om recente onderzoeksresultaten breder uit te dragen. Deze zijn ook interessant voor de gangbare sector die op zoek is naar duurzaamheid. De deelnemers aan de studiemiddag waren met name voedingsdeskundigen, maar ook buitendienstmedewerkers en onderzoekers van de diervoederindustrie. Zij hebben het middagprogramma zelf vastgesteld door onderwerpen te selecteren uit een lijst, opgesteld door onderzoekers van Wageningen UR.